debilt.allesduurzaam.nl

De ondraaglijke kostbaarheid van zoet water

Tegelijk met het Tweede Deltaprogramma komt het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) met de publicatie "Een delta in beweging bouwstenen voor een klimaatbestendige ontwikkeling van Nederland", waarin het planbureau onderzocht hoe Nederland zich beter kan wapenen tegen de gevolgen van klimaatverandering en extreme weersinvloeden.

De rapportage gaat in op een viertal complexe onderwerpen in relatie tot verwachte klimaatverandering: veiligheid tegen overstromingen, zoetwatervoorziening, landelijk gebied en natuur, en het stedelijk gebied. Versterking van dijken tot deltadijken ('doorbraakvrije dijken') beperkt de kans op een overstroming, en zorgt voor een verkleining van de gevolgen van een mogelijke overstroming.

Net als het Deltaprogramma schrijft het PBL over toenemende, langdurige periodes van droogte en bijkomende (zoet)water-tekorten. "Een klimaatbestendige zoetwatervoorziening vraagt om meer flexibiliteit in het watersysteem en het beter benutten van het Rijnwater." Als het waterbeheer bij de Nieuwe Waterweg, de monding van de Rijn in de zee anders zou worden aangepakt komt er meer zoet water beschikbaar. Via deze weg stroomt, ook in een droge periode, 80% van het Rijnwater naar zee om daar verzilting tegen te gaan. Door deze verzilting effectiever te bestrijden, kan er meer zoet water beschikbaar komen voor andere functies.

Daarnaast blijft het nodig om, meer dan bij het huidig beleid, in te zetten op vergroting van de ruimtelijke samenhang van natuurgebieden, verbetering van milieu- en watercondities en het bieden van ruimte voor natuurlijke processen. Een klimaatbestendige natuur vraagt volgens de rapportage om herziening van de Rijksvisie op de Ecologische Hoofdstructuur.

En ook ruimtelijke ontwikkeling komt aan bod. "Als gemeenten, projectontwikkelaars, woningcorporaties en particuliere eigenaren bij investeringen in de gebouwde omgeving en stedelijke voorzieningen consequent rekening houden met de eisen die klimaatbestendigheid stelt, kunnen de extra kosten hiervoor beperkt zijn. Gemeenten zijn de aangewezen partij om hiertoe de regierol op zich te nemen."

Lees meer over dit rapport